Ode aan vriendschap

Afgelopen weken heb ik meer dan ooit mogen genieten van de vrienden in mijn leven. De opstart van een eigen zaak kost veel tijd en mijn grote liefde steunt me waar hij kan. Hij is superbelangrijk en onmisbaar, net als de rest van mijn familie! Maar minstens zo belangrijk zijn mijn vrienden.

Ik heb een hele dierbare vriendin die ik al ken sinds onze geboorte 38 jaar geleden. Haar ouders zijn bevriend met mijn ouders en dat bleek besmettelijk 😉 Ze is de ‘knuffeltante’ van onze jongste en woont vlakbij. We spreken elkaar regelmatig, al is het maar even kort op het schoolplein. Geen punt, want we hebben na al die jaren aan één woord genoeg.

Ik heb een lieve vriendin die ik ken vanuit mijn studietijd. Onderdeel van een clubje vriendinnen uit die tijd, maar met haar bleef het contact het meest intensief. In de afgelopen jaren is ze enorm belangrijk voor me geweest. Ze heeft altijd een luisterend oor, een goed advies, een bemoedigend kaartje of een lief appje als het even tegenzit of er iets is om trots op te zijn. We zien elkaar door ons drukke leven de laatste tijd te weinig maar hebben elkaar onlangs beloofd dat daar verandering in gaat komen.

Dan is er de vriendin die een paar jaar geleden in mijn leven kwam omdat haar vriend de nieuwe bassist van Maybe June werd. We hadden een enorme klik. De overeenkomsten zijn soms bijna eng. We lijken op elkaar. En soms toch ook weer niet. Maar wij, en onze mannen en kids, hebben elkaar gevonden. We hebben al zoveel gezellige borrels, feestjes én vakanties samen doorgebracht. En al zoveel heftige gesprekken over het leven gevoerd. Mooi om te zien dat je ook op ‘latere leeftijd’ nog zo’n waardevolle vriendschap kunt opbouwen.

Zonder tekort te doen aan de lieverds die al zo lang zo dichtbij me staan, zoom ik even in op een bijzonder clubje.

Er zijn 3 meiden die ik al ken vanaf de eerste balletles op 6-jarige leeftijd, nu zo’n 32 jaar geleden. We hockeyden samen, gingen naar dezelfde middelbare school en maakten menig kroeg in Eindhoven en omstreken onveilig. Om over de vele hockeytoernooien in Nederland maar niet te spreken.

We gingen studeren in alle windstreken van het land. Ik ging naar Heerlen en later Maastricht en bouwde daar mijn leventje op. De anderen vlogen ook uit. Ik had in het zuiden mijn studie, liefde, bijbaan en ontmoette er andere vrienden. Maar ik bleef nog een tijdje hockeyen in Brabant en daardoor zagen we elkaar toch nog regelmatig. Toen ik door blessures genoodzaakt was te stoppen met hockey, bleef ik in de weekenden vaak in Limburg om te werken in de kroeg of op te treden met mijn band. Het contact verwaterde. Er waren lange periodes dat we elkaar niet of nauwelijks zagen en spraken.

Na mijn studie kwam ik terug naar Brabant en het contact tussen de meiden van vroeger werd in die periode weer hersteld. Dat een van ons een tijd later ging trouwen en er een fantastische act in elkaar gedraaid moest worden, hielp zeker mee. Vanaf de eerste minuut was het als vanouds en lagen we dubbel van het lachen. De bruiloft was een feest. Ik bleek enkele weken daarvoor zwanger van onze oudste. Voor mij dus een alcoholvrij feest, maar daarom niet minder mooi. Mede dankzij de zwangerschapshormonen besloot ik die avond deze prachtige lange vriendschap meer dan ooit te koesteren.

De jaren verstreken, we trouwden of wachten nog steeds op een aanzoek, we kochten huizen en knapte ze op, onze mannen leerden elkaar beter kennen en onze kinderen werden geboren. Dat laatste was en is niet vanzelfsprekend, ook dat hebben we in ons clubje van dichtbij mee mogen maken. Verdriet en blijdschap liggen dicht bij elkaar. Een cliché maar zó ongelofelijk waar. Gelukkig hebben wij altijd goed met elkaar over dit soort dingen kunnen praten. En nog. Want het leven blijft ons nieuwe uitdagingen voorschotelen.

Afgelopen weekend gingen we weer eens uit eten. Aangezien we niet allemaal meer in de buurt wonen, spraken we halverwege af, in Den Bosch. Gezellig samen, arm in arm, liepen we vanaf het station richting een goed restaurant. Binnen no time was de eerste fles wijn leeg en had de charmantste van het stel het eerste compliment van de ober te pakken. Binnen no time was het zoals altijd. Gewoon goed.

Wat was het fijn. Weer even bijpraten met z’n vieren, zonder mannen en kinderen die aandacht vragen. Gewoon even allemaal je verhaal kunnen doen. Over mannen die een eigen bedrijf starten, mannen die ineens met een puppy in je woonkamer staan of mannen die jarig zijn en voor wie je echt níks weet te bedenken als cadeau. Over mijn avontuur dat ik aanga met Leven In Letters. Over het dagelijks leven. De kinderen die we wel achter het behang kunnen plakken of die we juist zó graag in onze armen zouden willen sluiten.

Over onze ouders, die steeds ouder worden, kwaaltjes krijgen, met pensioen gaan, zorg nodig hebben of juist nog nieuwe avonturen gaan beleven. Over ouders die er niet meer zijn, of die het geluk opnieuw gevonden hebben. Over onze broers en zussen, hun leven, hun kinderen en partners. Over hoe wij het misschien anders zouden doen. Over álles, werkelijk álles, kan ik met deze meiden praten.

Zijn we alle vier hetzelfde? No way! We zijn allemaal uniek, met onze eigen afkomst, achtergrond, opleiding, ideeën en meningen. En natuurlijk zijn we het wel eens met elkaar oneens of trekken we onze wenkbrauwen op bij een actie van de ander.

Maar 32 jaar geleden was er blijkbaar al iets wat ons bond. We vonden elkaar, daar in dat balletzaaltje. En godzijdank lieten we elkaar nooit meer los.



Leave a comment